Goed terzake. Het theater. Het hier. Het nu.
Ik moet mijn toneelstuk afschrijven. Maar ik worstel. Het gevaar is werkelijkheid geworden. Het gevaar dat het je weinig kan schelen wat er met je personages gaat gebeuren. Misschien is dat ik zelf ook een periode van schouderophalen doorga. Alle doelen lijken zo ver weg, dus het is moeilijk mij te motiveren.
Aan de andere kant heb ik onlangs wel heel vlug een boel geschreven wat ik er gewoon uit moest gooien. Een aaneenschakeling van taferelen, zijdelings of meer direkt te maken met gewapend conflict. In eerste instantie ingegeven door het gebeuren in Gaza, maar doorbouwend op algemenere politiek-ethische kwesties. Met behoud van theatraliteit, althans dat hoop ik. Het mooie was dat ik altijd al zoiets wilde schrijven, maar dat het moeilijk is niet in propaganda te vervallen. Dit wat ik eruit gegooid had – gal zou ik het niet willen noemen, want ik ben niet verleid veel bloed en goorheid te schrijven, een middel dat al even is uitgewerkt in theaterland – was een collage van fragmenten. Fragmenten, zeker, als een soort onmacht het geheel te bevatten. Maar ook fragmenten om een groter veld op te spannen, meer kleuren te kunnen gebruiken.
In eerste instantie wilde ik het zelfs gaan regisseren bij Players, de drama society, maar omdat ik al twee keer geregisseerd had, vonden ze daar dat er nu even andere mensen aan de beurt waren. Wel zo eerlijk. Ze hadden een puntje. Niettemin had de deadline voor het inleveren van een voorstel me de motivatie gegeven om de beelden de ordenen en struktureren. Zo heb je ineens een redelijk voltooid werk. Aktueel ook, dus wil ik er toch wat mee.
Nu ben ik er dus over aan het denken dit in te leveren als mijn ‘full length play’ voor het vak Toneelschrijven. Daar zou ik eigenlijk twee maanden of langer aan hebben moeten gewerkt. En Melissa en Marina zoude er al wat van moeten hebben gezien. Verstandig is anders. Maar verstandig is niet waar ik op koers in schrijven. Het is een spannend idee dat ze bij de beoordeling ineens (weer) een nieuw stuk voorgeschoteld krijgen. Vermoedelijk is het geen werk is dat in hun straatje ligt. Maar dat zijn vooroordelen. En als ik dat dan geloof, kan ik het stuk nog altijd bijwerken natuurlijk. Herschrijven, en met iets spetterends rauws en dynamisch op de proppen komen. ‘Smooth’ zal het wel niet worden, maar ik kan de houtje-touwtje verbindingen nog best met wat duct-tape verstevigen.
Zo schuif ik toch de Ierse familie met hun drank, religie en topzwaar drama opzij. Of laat ik zeggen, parkeer ze even. Het heden – jech, wat pretentieus, maar goed je moet wat – is belangrijker. Ze zijn alhier ook gemoderniseerd. Toneel groeit langzaam mee. Dan moet ik geen antieke stukken proberen te schrijven. Ben ik nou die frisse continentale bries? Ja, dat ben ik. Ik stond niet op het weerbericht, maar ik ben er toch.
Hoewel, de gedachten van de gemiddelde man/vrouw in de straat waarschijnlijk door andere dingen worden beheerst…Er zijn gisteren ontzettende bezuinigingen voorgesteld, wegens economische malaise. Da’s hier vrij hard ingeslagen. Wellicht dat ze toch nog terugvallen in de agrarische patriarchale samenleving. En dat ze een ontzettende zucht naar modern traditionele stukken krijgen.
Neh, dan kan ik het altijd nog afschrijven. Ga ik sowieso doen. Eerst even mijn over-ambitieuze projekt bij elkaar lijmen en inleveren.